De strijd om de applicatielaag van kunstmatige intelligentie – de laag waarop modellen tot leven komen in gebruiksvriendelijke apps – is in volle gang. Terwijl de Verenigde Staten nog steeds een voorsprong hebben op het vlak van grote taal- en beeldmodellen, tekent zich een andere dynamiek af op het gebied van applicaties. Dat blijkt uit het nieuwste rapport van Accel.
The global race for the AI app layer is still on | TechCrunchThe U.S. is far ahead of Europe in the race for large AI models, at least in funding. But the picture is different for the application layer, global VC firm Accel highlighted in its 2025 Globalscape report. |
Europa en Israël halen op in applicaties
Volgens Accel hebben Europese en Israëlische AI- en cloud-applicaties in 2025 tot nu toe ongeveer 66 cent opgehaald voor elke dollar die in Amerikaanse tegenhangers vloeit. Partner Philippe Botteri merkt op dat dit nog altijd achterblijft, maar wel een flinke verbetering is ten opzichte van het verleden (“vroeger was Europa slechts één tiende van de VS”).
Deze opmars wordt gedreven door een ecosysteem van oprichters en investeerders die steeds beter begrijpen hoe je sterke softwarebedrijven bouwt.
Sneller groeien dan ooit
Wat echt opvalt: applicaties die vanaf nul beginnen, bereiken nu in een aantal jaren al 100 miljoen dollar aan jaarlijkse terugkerende omzet — iets wat vroeger decennia kostte. Botteri benadrukt dat dit op beide zijden van de Atlantische Oceaan gebeurt, met “de hoogste omzet per werknemer die we ooit gezien hebben voor softwarebedrijven”.
Modellen blijven de bottleneck
Toch blijft het spanningsveld tussen modellen en applicaties bestaan. Europe heeft grote ambities op het vlak van foundation-modellen (zoals Mistral AI), maar Accel blijft voorzichtig: het is “niet erg rijk aan kansen” voor grote modellen in Europa, al sluit Botteri nieuwe leiders niet uit.
Interessant is de opmerking van Israëlische investeerder Grove Ventures (Lotan Levkowitz): het is niet alleen modellen en apps die ertoe doen, maar ook data – bedrijven die beschikken over propriëtaire data en zogenaamde “data-flywheels” hebben, zouden wel degelijk lucratief kunnen zijn.
Wat betekent dit voor jou?
Voor geïnteresseerden in de AI-app-laag – zoals ontwikkelaars, ondernemers of investeerders – zijn hier enkele aandachtspunten:
- Richt je op applicaties die gebruiksgemak en snelle adoptie kunnen realiseren: dat blijft een krachtige differentiator.
- Probeer toegang te krijgen tot unieke data of data-flywheels: dat wordt door de investeerders gezien als een steeds belangrijker defensief mechanisme.
- Europa en Israël zijn geen achterblijvers meer in applicaties: de groeipotentie is evident, maar nog steeds mét uitdagingen (toegang tot kapitaal, schaling, regulering).
- De modellen-laag blijft complex en kapitaalintensief: kleinere en specifiekere modellen kunnen realistischer zijn voor partijen buiten de grote tech-spelers.
De race om de AI-app-laag is nog springlevend. Ondanks het Amerikaanse voorsprong in grote AI-modellen, openen zich nieuwe kansen – vooral voor applicatiegedreven bedrijven met sterke teams, data en marktkennis – in Europa en Israël. Wie deze laag goed weet te benutten, kan een belangrijke rol spelen in de volgende fase van het AI-tijdperk.









