Kleine fouten, grote werelden
Wat op het eerste gezicht “hallucinaties” lijken — fantasieuitingen, foutieve feiten of verzonnen citaten van een AI-chatbot — is volgens de auteur geen toevallige vergissing. In plaats daarvan is het het begin van een alternatieve realiteit. Een grote taalmodel (LLM) denkt niet, gelooft niets en “ziet” niets; het produceert enkel statistisch plausibele woordreeksen op basis van enorme trainingsdata. Wanneer zo’n model een fictieve rechtbankzaak of niet-bestaande software presenteert, dan is dat niet per se “fout”. Het is de constructie van een parallele wereld — niet ongezien, maar plausibel.
|
Welcome to the SlopverseGenerative AI isn’t hallucinatory. It is multiversal. |
Multiversum, niet hallucinatie
“Hallucinatie” impliceert dat de spreker iets ziet of weet wat er niet is — dat hij gelooft in iets vals. Een LLM gelooft niets; het voorspelt enkel woorden met logische waarschijnlijkheid. De schrijver suggereert daarom een betere metafoor: een “multiverse”. Iedere output van de AI is een mogelijke versie van de werkelijkheid — een parallelle ruimte die lijkt op de onze, maar net anders: het echte + een kleine afwijking.
Het onmiskenbare “slopverse”
Die alternatieve werelden — “slopworlds” — stapelen zich op. Elke interactie, elk gegenereerd antwoord is een nieuwe vertakking van realiteit. Sommige verschillen zijn subtiel, bijna onmerkbaar; andere radicaal. En hoe beter / krachtiger de LLM, hoe geloofwaardiger de fabels. Daardoor wordt de grens tussen “realistisch maar fictief” en “authentiek” steeds vager.
Consequenties voor hoe we AI vertrouwen
Dat werpt een fundamentele vraag op: hoe weet je nog wat waar is, wanneer AI één mogelijke realiteit presenteert alsof het feiten zijn — en vaak met evenveel overtuiging als echte data? Voorheen was internet al een mozaïek van bronnen, deels betrouwbaar, deels oppervlakkig of gesponsord. Met AI wordt deze “onbetrouwbare zone” op elke conversatie en content een stuk breder. Het is niet langer slechts: “check de bron”. Het is: “in welke versie van de werkelijkheid zit je eigenlijk?”
Waarom de metafoor ertoe doet
Een fictie met radicale afwijkingen — denk aan sciencefiction met wormgaten, tijdreizen, of parallelle universa — is makkelijk te herkennen als “onwerkelijk”. Maar wanneer de afwijkingen klein zijn — een onbestaande zaak, een verzonnen citaat — dan voelt het vertrouwd. Daardoor worden die “slopwerelds” veel moeilijker te onderscheiden van de realiteit. Daarom is het belangrijk de term “hallucinatie” over boord te gooien. Want wat we eigenlijk meemaken: geen misplaatste waanideeën, maar plausibele alternatieve werkelijkheden.









