Hoe een Big Four-gigant zijn consultants wil veranderen in AI-pioniers
In de wereld van consultancy draait alles traditioneel om factureerbare uren. Maar in het tijdperk van kunstmatige intelligentie begint dat model te verschuiven. De internationale advies- en accountantsorganisatie KPMG kiest daarom voor een opvallende strategie: medewerkers die baanbrekende AI-ideeën ontwikkelen, kunnen voortaan rekenen op forse geldprijzen.
Met een nieuw intern programma wil het bedrijf zijn werknemers aanmoedigen om experimenten met AI niet langer uit te stellen, maar juist actief te omarmen. Het initiatief moet leiden tot innovatieve toepassingen die zowel klanten als de interne organisatie vooruithelpen.
De “AI Spark Innovation Awards”
Het programma, dat de naam AI Spark Innovation Awards draagt, is opgezet binnen de Amerikaanse advisory-divisie van KPMG. Het doel: medewerkers belonen die aantonen dat zij “iets ongelooflijks” hebben gebouwd of gerealiseerd met behulp van AI.
De prijzen kunnen aanzienlijk zijn. Volgens KPMG-topman Rob Fisher zullen de bedragen vaak groter zijn dan de gebruikelijke jaarlijkse bonus die medewerkers ontvangen.
Bij de grote consultancyfirma’s liggen die jaarlijkse bonussen doorgaans tussen 3% en 6% van het salaris, wat voor jonge consultants met salarissen van ongeveer 70.000 tot 120.000 dollar al snel neerkomt op enkele duizenden dollars.
Met andere woorden: Een goed AI-idee kan werknemers een flinke financiële meevaller opleveren.
Van factureerbare uren naar AI-waarde
De timing van het initiatief is geen toeval. Consultancyreuzen zoals KPMG, Deloitte, EY en PwC investeren inmiddels miljarden in kunstmatige intelligentie. Tegelijkertijd begeleiden zij grote bedrijven bij hun eigen AI-transformatie.
Die rol als “client zero” – zelf experimenteren voordat klanten dat doen – legt extra druk op deze organisaties om te laten zien hoe AI daadwerkelijk waarde kan creëren.
Toch bestaat er een structureel probleem. Consultants worden traditioneel beoordeeld op “utilization”, het aantal factureerbare uren dat zij maken. Dat systeem laat weinig ruimte om te experimenteren met nieuwe technologie.
Volgens Fisher kan dat innovatie juist afremmen. Het nieuwe beloningssysteem moet daarom een andere boodschap geven: Wie AI-ideeën ontwikkelt die klanten helpen of interne processen verbeteren, wordt daarvoor zichtbaar beloond.
Innovatie van onderuit
Een opvallend aspect van het programma is dat het zich richt op medewerkers van directorniveau en lager. Daarmee probeert KPMG vooral de jongere en technisch nieuwsgierige werknemers te mobiliseren.
Het bedrijf hoopt zo een golf van “grassroots-innovatie” te ontketenen: Ideeën die niet alleen uit de top komen, maar vanuit teams en individuele consultants.
De beste voorstellen worden voorgedragen door teamleiders en vervolgens beoordeeld door een interne commissie. De eerste prijzen worden naar verwachting elk kwartaal uitgereikt.
AI als nieuwe competitie in consultancy
De aankondiging past in een bredere trend. Consultancy- en adviesbedrijven bevinden zich in een intensieve race om AI-expertise op te bouwen.
Wie erin slaagt om praktische AI-oplossingen te ontwikkelen – van automatisering van backofficeprocessen tot nieuwe datagedreven diensten voor klanten – kan zich onderscheiden in een markt waar technologie steeds bepalender wordt.
KPMG zet daarom letterlijk geld op tafel om zijn eigen werknemers te motiveren. Het bedrijf laat daarmee zien dat de strijd om AI-talent niet alleen buiten, maar ook binnen organisaties wordt gevoerd.









