De voormalige Google X-topman schetst een harde tijdlijn voor de arbeidsmarkt
Kunstmatige intelligentie is volgens Mo Gawdat niet langer een verre toekomstdreiging, maar een economische storm die al aan de horizon zichtbaar is. De voormalige Chief Business Officer van Google X waarschuwt dat bepaalde beroepen vandaag al onder druk staan. Vooral functies die draaien rond informatie, organisatie, communicatie en repetitieve denkprocessen zouden als eerste geraakt worden.
Tijdens een gesprek met Rosie Wright en Calum Macdonald op Times Radio Breakfast maakte Gawdat duidelijk dat sommige werknemers zich nu al zorgen mogen maken. Zijn boodschap klonk scherp: wie reisagent, executive assistant of callcentermedewerker is, bevindt zich volgens hem in de eerste vuurlinie van de AI-revolutie.
De eerste slachtoffers: Kenniswerkers en ondersteunende functies
Gawdat ziet vooral callcenters, administratieve ondersteuning en zogenoemde “intelligence jobs” als de eerste sectoren waar AI het werk zal overnemen. Dat gaat niet alleen over eenvoudige klantenservice, maar ook over functies waarin mensen informatie verzamelen, analyseren, structureren en doorgeven.
Waar vroeger menselijke ervaring nodig was om klanten te helpen, agenda’s te beheren of informatie te vergelijken, kunnen AI-systemen vandaag al steeds sneller antwoorden formuleren, opties afwegen en taken zelfstandig uitvoeren. Volgens Gawdat betekent dit dat veel kantoorbanen sneller kwetsbaar worden dan klassieke fysieke beroepen.
Arbeidsjobs krijgen nog even uitstel, maar niet lang
Opvallend is dat Gawdat fysieke arbeid niet buiten schot laat. Volgens hem zullen arbeidsintensieve beroepen iets later volgen, maar niet veel later. Hij spreekt over een periode van ongeveer vijf jaar voordat ook veel manuele jobs serieus onder druk komen te staan.
De reden daarvoor ligt in de combinatie van AI en robotica. Zolang AI vooral digitaal werkt, zijn vooral kantoorbanen kwetsbaar. Maar zodra robots goedkoper, slimmer en praktischer worden, verschuift de impact naar magazijnen, productiehallen, transport, horeca en andere fysieke werkomgevingen.
Een waarschuwing, geen sciencefiction
De kern van Gawdats boodschap is dat de samenleving te vaak denkt dat AI pas “later” een probleem wordt. Volgens hem is dat een gevaarlijke onderschatting. De technologie is niet alleen sneller geworden, maar ook breder inzetbaar. Taken die jarenlang als typisch menselijk werden gezien, worden nu opgesplitst in processen die software kan uitvoeren.
Daarmee verandert de discussie. Het gaat niet meer alleen over de vraag of AI banen zal vervangen, maar vooral over wanneer, in welke volgorde en hoe snel werknemers zich kunnen aanpassen.
De nieuwe realiteit: Aanpassen of achterblijven
Gawdat lijkt vooral te willen waarschuwen voor passiviteit. Werknemers, bedrijven en overheden moeten volgens deze redenering niet wachten tot AI volledig ingeburgerd is. De voorbereiding moet nu gebeuren: opleidingen, omscholing, nieuwe arbeidsmodellen en een eerlijk debat over de waarde van menselijk werk.
Voor bedrijven betekent dit dat ze AI niet alleen als kostenbesparing mogen zien. Voor werknemers betekent het dat digitale vaardigheden, creativiteit, emotionele intelligentie en strategisch denken belangrijker worden. Wie enkel uitvoert wat een machine sneller kan doen, loopt het grootste risico.
Conclusie: De klok tikt voor de arbeidsmarkt
Mo Gawdat schetst geen zachte toekomstvisie, maar een scherpe waarschuwing. De eerste golf raakt volgens hem de mensen achter schermen, telefoons, agenda’s en rapporten. De tweede golf komt richting fysieke arbeid zodra robotica de sprong maakt.
Zijn boodschap is duidelijk: AI neemt niet op één dag alle banen over, maar de verschuiving is al begonnen. En wie denkt dat zijn beroep veilig is omdat het vandaag nog menselijk lijkt, moet misschien opnieuw kijken naar wat AI morgen al kan.









