Een zeldzaam gesprek aan de top van de AI-wereld
Demis Hassabis, de CEO van Google DeepMind, behoort tot een kleine groep mensen die de toekomst van kunstmatige intelligentie actief vormgeven. In een diepgaand gesprek met Alex Hern van The Economist onthult hij niet alleen zijn visie op technologie, maar ook de filosofische en zelfs spirituele fundamenten ervan.
Wat opvalt: Dit is geen klassiek techinterview. Het gesprek beweegt zich tussen wetenschap, geloof en geopolitiek en toont hoe AI niet alleen een technologische revolutie is, maar ook een existentiële.
Tussen wetenschap en spiritualiteit
Volgens Hassabis ligt de oorsprong van zijn werk niet enkel in code en algoritmes, maar ook in een diepere fascinatie voor de aard van intelligentie zelf. Hij beschouwt AI als een middel om fundamentele vragen te beantwoorden: wat is bewustzijn? Wat betekent het om te denken?
Toch verzet hij zich fel tegen het idee dat AI-ontwikkelaars “God aan het bouwen” zijn. Die vergelijking vindt hij misleidend en gevaarlijk simplistisch. Voor hem draait AI niet om almacht, maar om begrip, een instrument om de wereld beter te doorgronden, niet om haar te domineren.
De risico’s van een verkeerde afslag
Waar ambitie is, schuilt ook gevaar. Hassabis erkent dat de impact van AI enorm kan zijn, zowel positief als negatief. De grootste dreiging? Niet zozeer de technologie zelf, maar hoe mensen ermee omgaan.
Hij benadrukt dat verkeerde beslissingen vandaag langdurige gevolgen kunnen hebben. AI-systemen worden steeds krachtiger, en fouten in ontwerp, governance of gebruik kunnen moeilijk terug te draaien zijn. Daarom pleit hij voor voorzichtigheid, ethiek en internationale samenwerking.
Samenwerken in een wereld vol competitie
Maar net daar wringt het schoentje. Terwijl AI vraagt om globale samenwerking, groeit de concurrentiedruk tussen landen en bedrijven. De race om de meest geavanceerde modellen te bouwen maakt het moeilijk om open samen te werken.
Hassabis erkent die spanning: Enerzijds is er de nood aan gedeelde regels en veiligheid, anderzijds is er de realiteit van economische en geopolitieke rivaliteit. Die paradox vormt volgens hem één van de grootste uitdagingen van deze tijd.
Wat staat er nog op de agenda?
Ondanks de indrukwekkende vooruitgang is het werk volgens Hassabis nog lang niet af. Integendeel: Hij ziet AI als een langetermijnproject dat nog decennia ontwikkeling vraagt.
Zijn persoonlijke missie blijft helder: Systemen bouwen die niet alleen taken uitvoeren, maar echt begrijpen. AI die kan redeneren, leren en uiteindelijk bijdragen aan wetenschappelijke doorbraken, van geneeskunde tot klimaat.
Een toekomst die meer vraagt dan technologie
Het gesprek maakt één ding duidelijk: De toekomst van AI zal niet enkel bepaald worden door ingenieurs. Filosofen, beleidsmakers en de samenleving als geheel zullen een rol moeten spelen.
Want zoals Hassabis impliciet aangeeft: De vraag is niet alleen wat AI kan worden, maar ook wat wij als mensheid willen dat het wordt.









