In het collectieve beeld van technologiegebruikers zijn het vaak jongeren die het voortouw nemen. Maar stilaan schuift een andere groep naar voren: oudere volwassenen. Uit recent onderzoek van de University of Michigan blijkt dat meer dan de helft van de Amerikanen boven de 50 inmiddels gebruikmaakt van kunstmatige intelligentie – en dat op verrassend veelzijdige manieren.
Waar AI voor sommigen klinkt als toekomstmuziek, is het voor steeds meer senioren een praktisch hulpmiddel geworden in het dagelijks leven.
Half of Older Americans Are Using AI – Here's What They're Doing With ItArtificial intelligence is a lively topic of conversation in schools and workplaces, which could lead you to believe that only younger people use it. |
Van spraakcommando’s tot slimme beveiliging
Een vrouw van 73 die haar dag begint met “Alexa, wat wordt het weer vandaag?”, of een man van 67 die zijn voordeur in de gaten houdt via een slimme videobel – het klinkt misschien als een technologisch sprookje, maar het is realiteit. Meer dan 50% van de oudere Amerikanen gebruikt inmiddels AI in de vorm van spraakassistenten zoals Alexa of Siri. En ongeveer één op de drie heeft een AI-gestuurd beveiligingssysteem in huis.
Wat blijkt? Ouderen voelen zich met die technologieën niet alleen zelfstandiger, maar ook aanzienlijk veiliger. Onder de gebruikers van slimme camera’s zegt zelfs 96% zich veiliger te voelen in huis. En dat gevoel van controle is voor veel ouderen van onschatbare waarde.
ChatGPT op leeftijd: AI als creatieve partner
Hoewel spraakassistenten de populairste vorm van AI blijven onder 50-plussers, maakt ook generatieve AI zoals ChatGPT haar intrede. Ongeveer een kwart van de ondervraagde ouderen heeft een chatbot gebruikt om te schrijven, plannen of informatie te verzamelen.
Sommigen experimenteren ermee om teksten te genereren voor persoonlijke projecten of om vakantie-ideeën op te doen. De drempel blijkt laag zodra de eerste klik gezet is – en de nieuwsgierigheid wint het vaak van de aarzeling.
Wie gebruikt AI? Gezondheid en opleiding maken verschil
Toch is niet iedereen even vertrouwd met de technologie. Uit de studie blijkt dat ouderen met een goede gezondheid, een hoger inkomen en een hogere opleiding veel vaker AI gebruiken. Net zoals bij eerdere digitale revoluties – denk aan smartphones of sociale media – ontstaat er ook nu een kloof tussen wie kan meekomen en wie achterblijft.
Digitale vaardigheden, maar ook vertrouwen in technologie, spelen hierin een belangrijke rol. Ouderen die zichzelf digitaal vaardig vinden, zijn veel sneller geneigd om nieuwe tools uit te proberen – ook als die ‘kunstmatig intelligent’ heten.
Twijfel en vertrouwen: een generatie op ontdekkingstocht
Hoewel AI steeds vaker voorkomt in het leven van ouderen, betekent dat niet dat iedereen zich er volledig comfortabel bij voelt. Ongeveer de helft van de ondervraagden zegt erop te vertrouwen dat AI correcte informatie biedt. De andere helft blijft argwanend – zeker als het gaat om feiten en nieuws.
Ook het vermogen om foutieve informatie uit AI-systemen te herkennen varieert. Vooral hoger opgeleiden geloven dat ze beter kunnen beoordelen wat waar is en wat niet. Voor anderen blijft het een mysterie hoe zo’n chatbot eigenlijk “weet” wat hij zegt.
AI als stille helper – of als nieuwe digitale uitdaging?
Wat dit onderzoek vooral duidelijk maakt: AI is bezig aan een stille opmars in de levens van oudere generaties. Niet met bombarie, maar met praktische toepassingen die hun leven net iets makkelijker, veiliger of creatiever maken. De toekomst is dus niet alleen voor millennials en Gen Z – ook voor babyboomers en senioren liggen er digitale kansen open.
Maar die toekomst is niet vanzelfsprekend. Zonder begeleiding, digitale ondersteuning en toegankelijke technologie blijft een groot deel van de ouderen achter. En dat zou zonde zijn – want als één ding duidelijk wordt uit dit onderzoek, dan is het wel dat nieuwsgierigheid geen leeftijd kent.









